C:\WINDOWS>NET HELP SHARE
De syntaxis van deze opdracht is:
NET SHARE
sharenaam
sharenaam=station:pad
[/GRANT:gebruiker,
[READ | CHANGE
| FULL
]][/USERS:aantal | /UNLIMITED
][/REMARK:"tekst"
][/CACHE:Manual | Documents|
Programs | None
]sharenaam
[/USERS:aantal | /UNLIMITED
][/REMARK:"tekst"
][/CACHE:Manual | Documents | Programs | None
]{sharenaam | apparaatnaam | station:pad} /DELETE
NET SHARE stelt netwerkbronnen op een server beschikbaar voor
netwerkgebruikers. Als u dit opgeeft zonder opties, wordt
informatie
weergegeven over alle gedeelde netwerkbronnen op de computer.
Voor elke
netwerkbron worden de apparaatnaam(namen) of padnaam(namen) en
een
bijbehorende beschrijving vermeld.
sharename De netwerknaam van de gedeelde netwerkbron.
Geef bij
NET SHARE alleen een sharenaam op als u
informatie
over de share wilt weergeven.
station:pad Het absolute pad van de map die u wilt delen.
/GRANT:gebruiker,machtiging De share maken met een security
descriptor die
de gevraagde machtigingen aan de opgegeven
gebruiker
toekent. Deze optie kan meer dan eens worden
gebruikt om
machtigingen met meerdere gebruikers te delen.
/USERS:aantal Het maximum aantal gebruikers dat
tegelijkertijd
toegang kan hebben tot de gedeelde
netwerkbron.
/UNLIMITED Bepalen dat een onbeperkt aantal gebruikers
tegelijkertijd toegang kan hebben tot de
gedeelde
netwerkbron.
/REMARK:"tekst" Een beschrijving van de netwerkbron.
Geef de tekst op tussen aanhalingstekens.
apparaatnaam Eén of meer printers (LPT1: tot en met LPT9:)
die onder een sharenaam worden gedeeld.
/DELETE Het delen van de netwerkbron beëindigen.
/CACHE:Manual Handmatige clientcaching inschakelen van
programma's
en documenten van deze share.
/CACHE:Documents Automatische caching van documenten van deze
share
inschakelen.
/CACHE:Programs Automatische caching van documenten en
programma's
van deze share inschakelen.
/CACHE:None Caching van deze share uitschakelen.
NET HELP opdracht | MORE geeft Help-informatie scherm voor scherm
weer.
C:\WINDOWS>NET HELP START
De syntaxis van deze opdracht is:
NET START
[service
]NET START geeft een lijst met de actieve services weer.
service Kan onder andere een van de volgende services zijn:
BROWSER
CLIENT SERVICE FOR NETWARE
CLIPBOOK
DHCP CLIENT
EVENTLOG
FILE REPLICATION
NET LOGON
NT LM SECURITY SUPPORT PROVIDER
PLUG AND PLAY
REMOTE ACCESS CONNECTION MANAGER
ROUTING AND REMOTE ACCESS
RPCLOCATOR
RPCSS
SCHEDULE
SERVER
SPOOLER
TCP/IP NETBIOS HELPER SERVICE
UPS
WORKSTATION
Wanneer u deze opdracht achter de opdrachtprompt typt, moet u
service-
namen die uit twee of meer woorden bestaan tussen
aanhalingstekens
typen. Met NET START "NET LOGON" start u bijvoorbeeld de Net
Logon-service.
NET START kan ook worden gebruikt om services te starten die niet
worden meegeleverd met Windows.
NET HELP opdracht | MORE geeft Help-informatie scherm voor scherm
weer.
C:\WINDOWS>NET HELP STATISTICS
De syntaxis van deze opdracht is:
NET STATISTICS
[WORKSTATION | SERVER
] NET STATISTICS geeft het statistische logboek voor de lokale
service
Workstation of Server weer. Als u NET STATISTICS opgeeft zonder
parameters,
worden de services weergegeven waarvoor statistische gegevens
beschikbaar
zijn.
SERVER Statistische gegevens voor de Server-service
weergeven.
WORKSTATION Statistische gegevens voor de Workstation-service
weergeven.
NET HELP opdracht | MORE geeft Help-informatie scherm voor scherm
weer.